Skip to content

Middelbare scholen maximaal open is beter, maar met strikte afspraken

Op 3 maart 2021 gepubliceerd op het onderwijsblog van NRC/Handelsblad. Hieronder de tekst voor eindredactie. Aanklikken van deze regels brengt je naar het stuk op website van NRC/Handelsblad

De middelbare scholen zijn weer open. En dat is maar goed ook. Althans, dat zegt iedereen. Peter R. de Vries verwoordt dit collectief gevoel bij de talkshow Jinek helder; onderwijs op afstand is waardeloos, daardoor nemen de leerachterstanden toe. Mijn praktijkobservatie is net wat genuanceerder. De lessen op afstand gaan eigenlijk best aardig. De behandelde leerstof is hetzelfde als in andere jaren. Maar naar school, in een klas, is beter. Niet alleen qua leerrendement, maar ook sociaal. Bovendien heeft school bij fysieke aanwezigheid een scherper zicht op kinderen die van huis uit minder affiniteit hebben met het behalen van schoolsucces.

Deze gedeelde maatschappelijke wens maakt het noodzakelijk te kijken wat het openen van middelbare scholen toch zo lastig maakt. En, doen we het eigenlijk goed nu? Vanuit de antwoorden op deze vragen volgt aangeven wat nodig is om bij oplopende besmettingscijfers middelbare scholen maximaal open te houden. Want het ritme waar we nu in zitten; open, dicht, open en weer dicht, het ontwricht.

De onderstroom die scholen ontwricht is het risico voor de mensen voor de klas. 35% van de leraren is boven de vijftig, dat maakt kwetsbaar en inmiddels zijn in Nederland volgens de RIVM rapportage 9 leraren overleden. In welke mate dat werk gerelateerd is, wordt niet vermeld. Bestuur in de VS is transparanter, dat maakt informatie toegankelijk en dan blijkt dat tijdens de eerste golf in de stad New York, qua inwonersaantal vergelijkbaar met de Randstad, 74 onderwijsmedewerkers, waarvan 30 leraren, overleden zijn aan Corona.

Kortom, het risico op overlijden bestaat. Ook voor leraren. Bovendien zorgt lange Covid ervoor dat een aantal overlevers klachten houdt. Daarna komt de vraag; is het risico op besmetting op school groter dan elders? Minister Slob heeft dat altijd ontkend. Hij overtuigde bonden en werkgevers met het besmettingspercentage. Dat lag in het onderwijs niet hoger dan in andere sectoren. Daarbij vergat de minister een detail. Leraren waren toen de scholen nog open waren vaker verkouden en lieten zich vaker testen. Niet een percentage van het aantal testen, maar een percentage besmettingen van het aantal geteste leraren -en dus niet het aantal testen-, levert wel degelijk een hoger getal op. Raar is dat niet. Tot de kerstvakantie stond ik in een klaslokaal van 8 bij 8 met 32 17-jarigen. Ik surveilleerde bij een schoolexamen in een gymzaal met 150 leerlingen. 15% van mijn directe collega’s heeft corona gehad. Op een school in Tilburg waren alle concierges besmet, zij surveilleerden tijdens pauzes in volle kantines. En toen was de Britse variant enkel nog daar waar die vandaan komt. Die mutatie verhoogt nu hier ook het risico, want gaat sneller en is besmettelijker, wat blijkt uit het oplopen van de besmettingen.

Vanwege dat risico staat de deur van de middelbare school momenteel niet verder open dan een kier. De afstandseis van anderhalve meter maakt normaal onderwijs nog steeds onmogelijk. Een leraar werkt met kleine groepen in een lokaal, de rest van de klas zit thuis achter de computer. Allemaal achter de computer is dan handiger. De leraar richt zich namelijk tijdens de les op school vooral op de fysiek aanwezige kinderen, de rest voelt weinig betrokkenheid en vlucht al snel onopgemerkt in een van de vele internetverleidingen.

Hiermee is de vooruitgang van de deur op een kier in werkelijkheid achteruitgang, wat een volgende stap in het rationeel denken vereist. Respecteer het risico, handel proactief op veiligheid en open daarna de scholen maximaal.

Het handelen op veiligheid kent naast de anderhalve meter tussen docent en leerlingen en mondkapjes op de gangen twee opties. Volgens het RIVM zijn het vooral adolescenten die het virus verspreiden, die zitten op middelbare scholen, daar werken 85.000 leraren, 35% is boven de 50 en daarmee kwetsbaar. 30.000 leraren vaccineren, zo ingewikkeld is dat niet. Maar ja, in de praatprogramma’s heet dit voorkruipen en dan is het snel gedaan met ratio. Vanaf die constatering rest slechts een alternatief; sneltesten. Dat kan middels blaasmachines op school of thuis met een zelftest. Scholen kunnen dit betalen, ze hebben 6 miljard gekregen van de minister, een sneltest kost 4 euro, twee keer per week is genoeg, dat is voor het middelbaar onderwijs 8 miljoen euro per week, moet kunnen, tot de zomer.

De inzet van testen vereist wel aanvullende sturing op gedrag. Een kleine maar gepassioneerde minderheid van ouders heeft namelijk bijzondere opvattingen over het virus en weigert bijvoorbeeld mondkapjes. Zij sturen hun kinderen bij een positief resultaat van een test gewoon naar school. Het is echt gebeurd, een leraar wist dat in zijn klas twee kinderen positief waren, hij kijkt zijn klas in en ziet dat iedereen er is, waarna de teamleider weigert op te treden, vanwege de privacy. Kordaat optreden en een corrigerende boete liggen bij dit afwijkend gedrag voor de hand.

De middelbare school open, zodat het weer een echte school is, die kant moet het op. Maar dat vinden en roepen op de televisie, zoals Peter R. de Vries en die andere praatpoppen doen, helpt niet echt. Kinderen weer naar school, leraren voor volle klassen, bij oplopende besmettingscijfers, het kan. Maar dan moeten overheid, bestuurders en schoolleiders wel een inspanning verrichten middels vaccins of sneltesten. Niks is gratis in het leven, zeker niet in tijden van crisis.

Published inColumns

Be First to Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *