Skip to content

Niet op de BON

Beter Onderwijs Nederland (BON) is de rijzende ster in het publieke debat. Deze back-to-the-future-beweging strijdt tegen zinloze vernieuwing en budgetvretend management. De voorzitter Ad Verbrugge is intelligent en heeft charisma. Intellectuelen en politici betuigen massaal steun. 20 Januari heeft de vereniging de eerste ledenvergadering. Tot zover hulde.
Maar dan lees ik 22 december een open brief aan de minister in de Volkskrant, ondertekend door Verbrugge en Presley Bergen. Letterlijk citaat: ‘De vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON) verzoekt u daarom uw voornemen om per 1 september in het gehele mbo het competentiegericht onderwijs in te voeren, op te schorten of in te trekken.’ Gekke zin toch? Bergen en Verbrugge spreken een nog net niet opgestapte demissionaire minister aan op beleid dat ze helemaal niet maakt. De didactische aanpak is een zaak van de instellingen, Nederland kent geen staatspedagogiek. Inderdaad, scholen in het beroepsonderwijs richten zich op het verwerven van competenties. Het begrip competentie komt uit het human resource management en staat voor een cocktail van kennis, vaardigheid en attitude. Dat is wat de arbeidsmarkt vraagt.

Ik snap best wat BON bedoelt. Studenten in het mbo gaan vaak slechts een paar dagen naar school, zitten met hun laptop op de gang computerspelletjes te doen, hebben allerlei baantjes, halen toch een diploma en dat stelt volgens werkgevers weinig voor. Dit heeft niks met competenties te maken, maar alles met een ranzige onderwijsorganisatie. Toch vraagt BON om overheidsoptreden tegen een didactisch concept. Het moet weer worden als vroeger, met centrale examens. Een kansloos achterhoedegevecht, want het beroepsonderwijs is uitbesteed aan verzelfstandigde regionale opleidingencentra (roc). Dat zijn gigantische bureaucratische apparaten, voor een minister onneembare vestingen. Geloof het nou, net als de gulden komen ook die oude meao en mts nooit meer terug.

Tijd voor de oplossing en laat die nu al eeuwen bekend zijn. De econoom Adam Smith schreef in 1776: ‘Hebben publieke gelden bijgedragen aan de verwezenlijking van het doel van de instelling? Hebben zij docenten aangezet tot grotere ijver, tot ontwikkeling van hun bekwaamheden? Hebben zij het onderwijscurriculum in een richting geleid die nuttiger is voor zowel het individu als voor de gemeenschap dan de koers die het uit eigen beweging zou hebben genomen?’ Het antwoord in het geval van de roc’s is drie keer nee.

Algemeen vormend onderwijs aan leerplichtige kinderen is een klassieke overheidstaak, maar dat geldt niet voor het beroepsonderwijs. Voorsorteren richting arbeidsmarkt kan net zo goed privaat, getuige de vele bedrijfsopleidingen. Kwaliteit, prijs en de kans op een baan bepalen dan de vraag vanuit studenten en bedrijven. Markten werken efficiënter dan overheden. Privatisering van het beroepsonderwijs maakt een einde aan verspilling van belastinggeld.
Conclusie? Onderwijspolitiek van vandaag gaat over algemene vorming, de rest is eigen verantwoordelijkheid. De totale sector is in Nederland een optelsom van drie miljoen mensen, overal beter onderwijs is een megalomane doelstelling. Daar brandt zelfs de meest doorgedraaide manager zijn vingers niet aan.

Published inColumns

Be First to Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *