Skip to content

De subtiliteit van het lerarentekort

Het is als jeuk. Dat lerarentekort. Het komt. Het gaat. En krabben. Zalfjes. Niks helpt. Het gebeurt gewoon. En wat is het vervelend. Erger dan pijn. En nu is het er weer. Terug van weggeweest. Dat lerarentekort dan. In de grote steden vullen pabo-leraren de vacatures in het vmbo. En vakken als Duits, Klassieke talen, Natuur- en Scheikunde worden in de nabije toekomst in de Randstad niet meer bevoegd gegeven. Zelfsturend rammelen met reageerbuizen. Homeros in stripversie. Und Deutsch macht spass hinter die elektronische Datenverarbeitungsanlage. Ziehier het onderwijs in 2032. Inderdaad, heel modern. Dat dan weer wel. Tot zover de groots en meeslepende beelden. Op basis daarvan volgt het gejengel om meer budget.

En dat komt. Vast. Maar het helpt geen zier. Want de vernietigende werking van het lerarentekort in vele malen subtieler. Niet jeuk die komt en gaat. Maar een infuus dat gif in de schoolcultuur druppelt. Volcontinu. Decennialang. En niemand die het infuus woest lostrekt. We slapen langzaam in. Slecht uitgevoerde euthanasie. Daar laat dat lerarentekort zich nog het best mee vergelijken. Ik leg het uit. Aan de hand van een voorbeeld van één zo’n piepklein druppeltje uit dat infuus. Op mijn eigen provincieschooltje. In mijn sectie.

Een jonge collega werkt in de onderbouw en studeert voor zijn eerstegraads. Bij de urenverdeling krijgt hij 5vwo. Onbevoegd, maar dat helpt bij zijn studie. En dan heeft een andere school een eerstegraadsvacature. De jonge collega vertrekt. Tja, wat nu? Ik neem die 5vwo. De conrector personeelszaken geeft de onderbouwuren aan de stagiaire. Hij wordt ook mentor. Weken later vraag ik of de stagiaire tevreden is met de begeleiding. Welke begeleiding!? Bij mij slaan de stoppen door. Ik zoek de rector. Weg. Stuur een mail. Nul op rekest. Vanaf dan geldt; fuck it, let’s go teaching. Ik begeleid de stagiair. Mijn sectiegenoten gaan regelmatig kijken. Die jongen werkt hard, is leerbaar, het komt vast goed. Maar het nettoresultaat van deze constructie blijft altijd negatief. Lessen van niet gekwalificeerde leraren. Kwetsbare beginners vol in de wind. Het ergste is, dit is normaal. En ja, ik weet, ik mag dit eigenlijk niet schrijven. Vanwege nestbevuiling. Maar laat dat nu net de kwestie zijn. In het onderwijs is iedereen verdomd goed in het schoonvegen van het eigen nest. De rotzooi hoopt elders op. Voor de deuren van leerlingen.

Kampioen schoonvegen is Rosenmöller. De VO-raadvoorzitter gaat ons redden. Voor 300 miljoen. Leraren geven dan minder les en krijgen honderd uur voor ontwikkeling. Hé!? Dat kan helemaal niet. Meer tijd voor ontwikkeling van zittend personeel betekent nog meer lessen voor stagiaires en amateurs. En is niet opdracht één dat te voorkomen? Maar ach, iedereen weet, het plannetje Rosenmöller is vooral media-aandacht. Op de ochtend van zijn VO-raadcongres. De regenten applaudisseren daar de handen blauw. Op hetzelfde moment krijgen kinderen les van mensen die geen idee hebben van wat ze onderwijzen en waarom dat de moeite waard is. De subtiliteit van het lerarentekort. Walgelijk.

Published inColumns

Be First to Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *