Skip to content

Ik heb altijd gelijk

Ik wist altijd alles. Ik heb altijd gelijk. Aldus Lodewijk Stegman. Wie? Kom ik op terug. Het gaat mij even om het gevoel. Dat ken ik net iets te goed.

Ik geef dertig jaar les. Leid twintig jaar leraren op. Schrijf twintig jaar over onderwijs. Echt, ik weet hoe de hazen lopen, weet altijd alles, heb altijd gelijk. Een voorbeeld. Vanaf de invoering half jaren negentig schrijf ik dat de lumpsum een corrupt bekostigingsstelsel is. Waarom? Kijk, er zijn drie mechanismen die aanzetten tot productie. Markt. Overheid. Vrijwillige binding. De markt is in het onderwijs afwezig. Vraag en aanbod bestaan. Maar het prijsmechanisme dat die twee bij elkaar brengt ontbreekt. Een school mag leerplichtigen niet een prijs vragen. Onderwijs is geen transactie, maar een grondrecht, een plicht. De binding zit op de werkvloer. In de school doet de een wat voor de ander. De ander voor de een. Vrijwillig. Alleen met elkaar krijgen we die kinderen bij een passend diploma. De democratisch gecontroleerde overheid reguleert met budget en voorschriften de schaarste. Vanaf het moment dat je in dit spel van drie krachten een bestuurlijke instelling plaats die alle regulatiemacht krijgt, daar komt het geld samen. Vanaf dat moment staan overheid, markt en binding buitenspel en is de shit aan. Instellingen groeien. Bevechten hun autonomie. Monopoliseren markten en informatie. Immuniseren zich voor prikkels van wetgever, ouders, leerlingen en leraren. Waarna elke budgetuitbreiding verdwijnt in de zwarte gaten van de behoeftige koninkrijken. Op de scholen doet ondertussen de een niks meer voor de ander, want de opbrengst verdwijnt toch in de zakken van de instellingsadel. Ouders en kinderen calculeren. Zoeken de kortste weg naar het hoogste diploma.

In deze structuur is elk goed bedoeld initiatief kansloos. De individualisering van de leerweg, studiehuis, gepersonaliseerd leren. Deze grijsgedraaide plaat blijft altijd in dezelfde groef hangen. Grote groepen, overladen vakinhoud en overbelaste leraren. In een cultuur van ja zeggen, nee doen. Na een nationaal trauma door mislukte vernieuwingen. In een straatarme omgeving. Onder een knetterrijk bestuur. En jij weet ook, die individualisering van het leerproces komt er nooit. En dat lerarenregister, onderwijs 2032, schattig hoor, die verbeteringspogingen op de vierkante millimeter, maar het is als de knettergekke huisvrouw die in een ranzige kamer de handen blauw boent op dat ene hoekje, terwijl de ratten op tafel dansen. Eerst de rotzooi de kamer uit, ontgiften en schoonmaken, pas daarna kun je iets nieuws maken.

Terug naar Lodewijk Stegman. De hoofdpersoon in de roman ‘Ik heb altijd gelijk’ van W.F. Hermans. Stegman zegt. ‘Als je gelijk hebt, heb je niets. Ik heb te lang geleefd! Alleen wie dood is, heeft ongelijk. Als je altijd zou blijven leven, komt vanzelf dat ogenblik dat je gelijk hebt.’ Ook ik zal in het nieuwe jaar weer vaak gelijk hebben. Maar ik heb niks. De waanzin woekert verder. Toch maken wij op die scholen er het beste van. Dat, en alleen dat, is de reden dat ook in 2017 veel goed gaat.

Published inColumns

Be First to Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *