Skip to content

Onuitvoerbaar en onverstandig

Eerder gepubliceerd in het juninummer van Het Onderwijsblad

De Onderwijsraad is onafhankelijk en staat midden in de samenleving. Zo staat het op de website. Een belangrijk uitgangspunt, want die Onderwijsraad doet ertoe. Zo was de brede bevoegdheid -in de beleidsvoorbereidende commissie afgeschoten- een advies van De Onderwijsraad. Een aantal lerarenopleidingen is er daarom al vast mee begonnen. Want elk advies wordt immers beleid. De technocraten zijn de baas als de politiek expertise ontbeert.  

En precies daar wringt het. De Onderwijsraad is belangrijk, maar ook onderdeel van de bestuurlijke coterie en dus niet onafhankelijk. Een voorbeeld, Cor van Montfort is hoogleraar en lid van De Onderwijsraad. Van Montfort schrijft in opdracht van de VO-raad mee aan een rapport over lumpsum en verantwoording. Dit rapport is een vaagtalige zelffelicitatie voor werkgevers in de trant van; we zijn goed en op weg naar beter, we gaan ervoor, met een verantwoordingsscan. Tot hier, een overbodig ons kent ons rapport, het kost wat geld, maar maakt niks kapot. Dat ligt anders bij de producten van de raad zelf, die dienen namelijk de belangen van dezelfde opdrachtgever. Het advies lumpsum? Niks aan doen, de bekostiging is af, prima. De eerdergenoemde brede bevoegdheid maakt het mogelijk dat de vakleraar 6vwo ook groep 3 op een basisschool mag doen. Deze flexibiliteit is de natte werkgeversdroom. Het laatste advies, de brede brugklas met een focus op differentiatie is niks anders dan de 10 tot 14 school met gepersonaliseerd leren, eerder bedacht door de… VO-raad. 

De Onderwijsraad kiest consequent voor eenzelfde belang en negeert het lerarenperspectief. Er was namelijk geen lumpsum tussen 1960 en 1980, het woord lerarentekort bestond toen niet en dat is geen toeval. De lesbevoegdheid loskoppelen van vak en doelgroep vertroebelt de professionele houvast, met kwetsbaarheid van de man of vrouw voor de klas als gevolg. En een middenschool, op dit moment, met de huidige chaos, dat differentiëren gaat never nooit lukken. Bovendien valt op gepersonaliseerd onderwijzen best wat aan te merken. Het centraal stellen van de individuele ontwikkeling, in plaats van een vakinhoudelijk niveau behalen met een groep, is in combinatie met het kwalitatief lerarentekort de versneller die het vuur van de kansenongelijkheden hoog doet oplaaien. 

Al deze adviezen van De Onderwijsraad zijn vanuit het lerarenperspectief onuitvoerbaar en onverstandig. Toch gaat de raad onverstoorbaar door met de productie van polariserende rapporten. Het actuele probleem is echter dat kinderen steeds minder leren op school. En wie zijn daarvoor verantwoordelijk? De door de politiek aangewezen probleemeigenaren. De Onderwijsraad zet juist die bestuurders vaster in het zadel. 

Zo maar een idee hoor, wordt het niet tijd om bij beleidsadvisering op een ander paard te wedden? Probeer het eens met leraren en hun praktijkkennis. Het levert altijd meer op dan dit. 

Published inColumns

One Comment

  1. Eugene Wijnhoven Eugene Wijnhoven

    Sterke column. Een ander aspect van de brede brugklas van drie jaar is toename van de kansenongelijkheid. Als je slecht kunt leren, word je vanaf ongeveer groep 5 steeds meer ingeprent dat je ‘dom’ bent, want steeds vaker blijven je prestaties achter bij die van (veel) klasgenoten. Daarom is een frisse start in het VO zo belangrijk, in groepen van vergelijkbaar niveau, waar ontwikkelaars van leermiddelen vooral inzetten om dergelijke leerlingen weer zelfvertrouwen te geven, zelfvertrouwen dat al jaren is afgebroken in het PO. Dus krijg je lesmateriaal met veel reproductievragen, na korte stukjes theorie. Opgaven die je eens wél kunt maken, waardoor je zelfvertrouwen weer kan groeien.
    Aan de andere zijde van het spectrum zullen leerlingen die wel goed kunnen leren zich tekort gedaan voelen, onvoldoende uitgedaagd, met het gevaar dat hun motivatie daalt of zelfs dat zij ‘lui’ worden.
    Het bevreemdt me dat er nooit gesproken wordt over herinvoering van een LTS of soortgelijke opleiding, waarbij leerlingen andere vaardigheden kunnen tonen. Een opleiding waarmee zij kennismaken met verschillende technische beroepen/ambachten en daadwerkelijk bezig gaan met materiaal waar zij later iets aan hebben. Waarbij zij producten kunnen maken waarop zij trots zijn. Een generieke algemeen vormende opleiding doet een grote groep leerlingen tekort.

Leave a Reply to Eugene Wijnhoven Cancel reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *