Skip to content

Dunne boeken

Een zaak van alleman. Over canon, schoolboeken, docenten en algemene ontwikkeling, zo luidt de titel van de achtste Kohnstammlezing, gehouden door Frits van Oostrom. De Volkskrant drukt dit verhaal van de voorzitter van de canoncommissie een dag na uitspreken af. In een notendop de teneur: schoolboeken zijn overladen met didactische concepten, opdrachten, werkvormen en toetsen in professioneel opgemaakte vierkleurendruk. Leraren doen daardoor minder in de klas en dat is peperduur kwaliteitsverlies, vooral goed voor de winst van de educatieve uitgeverijen. Van Oostrom pleit daarom voor dunne schoolboeken en dikke leraren.

Inderdaad, een vakdocent met een beetje zelfrespect flikkert werkboeken, toetsen en docentenhandleidingen uit het raam. Zelf beslissen hoe kinderen zijn vak leren maakt het werk immers interessant. Toch gebeurt dit zelden. Raar? Nee hoor. De positie van de leraar is benard. Het maandsalaris is aardig, maar het aantal te verwerken leerlingen veel te hoog. Bestuurders, politici en vakbonden beloven al decennia daar iets aan te doen, een repeterende leugen zonder gevolgen. De eisen aan het werk zijn ondertussen net dagkoersen. Onderwijskundigen zetten het leerproces in de spotlight, het vervolgonderwijs wil gedrilde reken- en taalvaardigheden en de krant eist vakinhoud. Academici ontvluchten deze snelkookpan, waardoor overblijvende tweedegraders de schoolcultuur domineren. Dat zijn bepaald geen vakidioten. De opleiding besteedt amper aandacht aan inhoud. Zelf lezen en studeren is een optie die zelden wordt gelicht. Wat rest? Voordragen uit het schoolboek! Deze dunne leraren met dikke boeken staan met het zweet op de rug voor de klas. Administratief werk lijkt dan een stuk eenvoudiger, dunne leraren zoeken verlichting met managementtaken. Dan blijkt dat deze deskjockeys van aansturen net zo weinig weten als van hun schoolvak en dus gaat het drama moeiteloos naar het volgende bedrijf onder de titel micro-management, een Amerikaanse term voor blijven sturen als de auto al geparkeerd is. Het lijkt haast een complot! Uitgeverijen en schoolmanagers nemen met studiewijzers, toetsweken en methodes taken over van leraren, die hebben het daardoor minder druk en mogen meer productie draaien. Zo komt geld vrij voor leermiddelen, gebouwen en sturing en de cirkel is rond… de moderne onderwijsorganisatie wurgt de erudiete vakleraar.

Van Oostrom houdt dergelijke oorzaken buiten zijn verhaal en sluit daardoor aan in de rij van hoog aangeschreven buitenstaanders die wat zeggen over het gedonder op die scholen. Onbekendheid met de materie en risicomijdend opereren zijn de wankele pijlers waar de opinie van deze hotshots op rust. Uiteindelijk blijft het borrelpraat over leraren, zonder leraren. Een populair tijdverdrijf overigens. Onlangs organiseerde de Rode Hoed een debat over het lerarentekort. Kamerleden, een lid van de Onderwijsraad, de voorzitter van de VO-raad, groot staan hun namen en verdiensten afgedrukt op de flyer. In kleine letters onderaan de laatste deelnemer: ‘een docent’. Naam, titel, prestaties? Ach, wat maakt het ook uit! Politiek correcte vulling, meer status hebben jij en ik niet. Leuk voor een stuk in de krant of vijf minuten infotainment in een actualiteitenrubriek, maar het blijft vechten tegen uitsterven van de dinosaurus. Zoals Bob Dylan zong: ‘your days are numbered, so are mine.’

Published inColumns

Be First to Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *