Skip to content

Routine en innovatie

Eerder gepubliceerd in het decembernummer van Het Onderwijsblad

Leraar is net als muzikant, politieagent en arts een ervaringsvak. Je wordt beter door, ja, door wat eigenlijk? Nou, je moet eerst begrijpen en doorgronden wat je onderwijst. Daarna volgt het weten van het onderwijzen. En dan ga je het doen, veel doen. Vanuit wat je weet denk je na en pas je aan. Zo ontstaan effectieve routines. Vervolgens lees je, kijkt bij collega’s, praat, je zoekt uit wat anders en beter kan, je probeert iets nieuws. Zie de ontwikkeling van de leraar als een dialectisch gesprek tussen routines en innovatie. Dit duo loopt hand in hand de trap op, naar elke keer een hogere etage. En dat is goed, want de een kan niet zonder de ander. Enkel routine is verveling, enkel innovatie resulteert in onrust en frustratie. Het bewaken van het evenwicht, ziehier de kunst van de ontwikkeling in het beroep. 

Punt is, dat evenwicht is zoek op de werkvloer. Bestuurders en schoolleiders monopoliseren innovatie. Leraren houden tegen vanuit routines. Deze conflictueuze arbeidsverdeling trapt af in 1990 met de wet op de basisvorming, gevolgd door het studiehuis. Deze tekentafelvernieuwingen van het ministerie mislukken. De basisvorming moet de definitieve schoolkeuze uitstellen, maar vervroegt hem juist. Het studiehuis zou van de consumerende leerling een producent van kennis maken, maar in werkelijkheid groeit de lamlendigheid in de klassen tot ongekende hoogte. Einde. Verhaal. Zou. Je. Denken. 

Maar de technocraten van het ministerie denken dat het falen niet aan hun opvattingen ligt, maar aan de top down benadering en de ruimte die dat biedt aan saboterende leraren. En dus transformeert de aansturing van centralistische regelzucht naar money talks. Beleidsautonome bestuurders krijgen budget als ze zich committeren aan dezelfde innovaties. De basisvorming heet vandaag de dag ‘tien tot veertien school’, het studiehuis wordt gepersonaliseerd leren met maatwerkdiploma’s. En schaf meteen ook even het centraal examen en de bevoegdhedenregeling af. Dat geeft wat lucht bij het breken van routines van leraren.

Kortom, eerst vanaf 1990 de grote tekentafelvernieuwingen, daarna het tamboereren op hetzelfde gelijk door bestuurders. Dertig jaar lang zitten we opgesloten in de gevangenis van de mislukte onderwijsinnovatie. Sommige van ons zijn gevangenen, de meerderheid is bewaker. De bijbehorende spanningen worden gratis meegeleverd. Routine en innovatie duwen elkaar om de beurt van de trap en vallen aan diggelen. Gevolg? Dertig jaar minder leren op school is als het loslaten van de termieten op de fundamenten van onze samenleving. Alles wankelt. 

Daarom, gooi die gevangenis open. Op naar een nieuw onderwijsgebouw. Met wijze leiders die denken en handelen vanuit wat we weten van onderwijs. Daar lopen we de trap op. Als in die dialectische dialoog tussen routine en innovatie. Samen op weg naar het zonnig dakterras. Echt, het kan. 

Published inColumns

One Comment

  1. Thorwald Westmaas Thorwald Westmaas

    Het lijkt mijn werkgever wel ! Dingen van bovenaf over de schutting gooien op basis van een bijna dogmatisch ‘model x’ of ‘systeem y’. De werkvloer waar de kennis ligt haakt af en raakt gefrusteerd (links onder in roos van Leary) en wordt vervolgens door management aangesproken op verkeerde ‘houding en gedrag’ .

    Het moet niet gekker worden. Maar dat wordt het wel 🙁

    Een cirkel van trauma….

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *